Woorden van Troost (12)

2020-06-04

‘Zij zit als een vogel’

Als ik duiven in stad zie, verbaas ik mij erover dat ze net zolang wachten tot ik bijna met mijn wiel hen overrijd en dan pas wegvliegen. Ik krijg bijna hartkloppingen, maar die vogels blijven dat doen. Het hoort bij duiven, zeker. Ze blijven er rustig onder. Katten maken er dankbaar gebruik van en verschalken zo’n trage duif al te makkelijk.

De Geest van God wordt vaak vergeleken met een vogel. ‘Zij zit als een vogel, broedend op het water.’ Broeden is een kwestie van wachten en zitten en blijven. Moeilijk dus. God broedt om het goede en de liefde in mensen aan te wakkeren en geboren te laten worden. Moeilijk dus. Want wij laten ons te makkelijk overwoekeren door het kwaad. God heeft geduld. Ook als wij zijn lange wachten gebruiken om zijn Naam te misbruiken en Hem voor ons karretje te spannen. Hij wacht, net als de duif. 

Zij zweeft boven de zee, zweeft boven de bergen’. Het wachten van God heeft een vergezicht. Ver boven de bergen waar wij tegenop zien zweeft Hij. Hij laat ons een wereld zien in de coronacrisis die is gericht op elkaar helpen, contact zoeken en ondersteunen. Want samen sta je sterk en al helemaal als je vol bent van de Geest van liefde en uitzicht.

Zij danst in het vuur, maakt de tongen los, inspireert, vurig als ij is’. In deze crisis die langer duurt dan wij willen is het zaak het moede hoofd niet in de schoot te leggen. We hebben juist nu vuur nodig. De Geest schenkt die!

Want zij is de Geest, een met God in wezen, gift van de Verlosser aan zijn aardse bruid, sleutel tot de schriften.’ Haar hebben wij nodig in elke crisis, dus ook in deze. Zonder de Geest zijn diensten vlak, gesprekken oppervlakkig en met de Geest worden wij traag als een duif, makkelijk te vangen, en toch ongrijpbaar ver weg, bij God en mensen.

Ik wens jou en u deze Geest toe in het leven van vandaag, zodat je de gevolgen van de crisis in jouw leven – financieel, mentaal, sociaal – aan kunt en mee om kunt gaan.
Ga met de Geest en zij zal bij u zijn.

Ds. David Knibbe

Zij zit als een vogel

Zij zit als een vogel, broedend op het water
onder haar de chaos van de eerste dag;
zij zucht en zij zingt, moeder van de schepping
wachtend op het Woord totdat zij baren mag.

 Zij zweeft boven zee, zweeft boven de bergen,
zoekend naar een plaats onder de hemelboog;
zij rust in de schoot, wachtend op het wonder
dat zich daar ontvouwt, verborgen voor ons oog.

 Zij danst in het vuur, schouwspel zonder weerga,
maakt de tongen los, taal en getuigenis,
bekeert, inspireert, al wie naar haar luistert;
niets brengt haar tot zwijgen, vurig als zij is.

 Want zij is de Geest, een met God in wezen,
gift van de Verlosser aan zijn aardse bruid;
de sleutel is zij, toegang tot de Schriften,
vogel uit de hemel, witte vredesduif

 [bron: Lied 701 uit Liedboek voor de kerken]